‘Interpretatieve beslissingen’ voor de Vlaamse erfbelasting en registratiebelasting

In Archiefby robert

Vorige maand schreven wij in deze rubriek dat sinds 1 januari 2015 de Dienst Voorafgaande Beslissingen (hierna Rulingdienst) niet meer bevoegd is om rulings af te leveren over de Vlaamse erfbelasting en registratiebelasting. Vanuit het oogpunt van de rechtszekerheid is dit te betreuren. Recent werd de Vlaamse Minister van Financiën daarover ondervraagd in het Vlaamse Parlement.

Om de continuïteit van deze dienst te verzekeren werden tussen de FOD Financiën en de Vlaamse Belastingdienst (hierna VLABEL) afspraken gemaakt over de overname van hangende dossiers. Zo werd er afgesproken dat de dossiers die vanaf 1 december 2014 ontvangen werden bij de Rulingdienst, behandeld zouden worden door VLABEL. Uiteindelijk werd er slechts één dossier overgedragen. De Minister kondigt aan dat VLABEL in dit dossier uiteraard binnen een redelijke termijn een beslissing zal nemen zodat de burger rechtszekerheid krijgt over zijn situatie.

De Minister herhaalt dat het voor het beperkte aantal dossiers op het Vlaamse niveau niet efficiënt zou zijn om een permanente rulingdienst installeren. Daarom werd gekozen voor de mogelijkheid van interpretatieve beslissingen. De belastingplichtige, zijn notaris of andere raadgever kan een zogenaamde interpretatieve vraag stellen aan VLABEL, die deze binnen een redelijke termijn zal beantwoorden. Deze mogelijkheid is momenteel niet in een decreet opgenomen en daarom misschien nog niet algemeen bekend. Via de interpretatieve vragen kan de burger dus wel rechtszekerheid krijgen over zijn situatie. Op de website van VLABEL wordt deze mogelijkheid toegelicht (http://belastingen.vlaanderen.be).

Het vertrouwensbeginsel verplicht de administratie in concrete situaties de eigen ingenomen standpunten na te leven. Ze moeten zich aan hun antwoord houden, dat is logisch. VLABEL zal de vragen en antwoorden in de toekomst geanonimiseerd publiceren op zijn website, zodat de lijn van de antwoorden op de interpretatieve vragen duidelijk is, en elke burger weet hoe een bepaald feit of verrichting fiscaal behandeld wordt. De Minister beklemtoont dat deze interpretatieve beslissingen niet door één individuele ambtenaar worden genomen. De beslissingen zijn het resultaat van een grondig overleg met zowel het management, als de dienst gelast met de regelgeving en de dienst gelast met de uitvoering van de regelgeving. Net zoals bij de Rulingdienst worden deze beslissingen door een aantal mensen genomen; zij zitten in een collegiaal samengesteld orgaan. De Minister laat nog onderzoeken of het nodig is om de regeling van de interpretatieve beslissingen ook formeel in een decreet op te nemen.

De Minister kondigt aan dat zij een overleg heeft opgestart over de zogenaamde ‘gemengde’ dossiers met de federale Minister van Financiën. Met gemengde dossiers worden concrete casussen bedoeld die zowel federale als geregionaliseerde belastingen betreffen (bijvoorbeeld inkomstenbelasting en erfbelasting). Uit de cijfers blijkt immers dat de meeste dossiers gemengde dossiers zijn. Ook voor deze gemengde dossiers heeft de burger heeft immers recht op een duidelijk en rechtszeker kader. De Minister heeft een aantal voorstellen geformuleerd om op korte termijn tot een werkbare oplossing te komen: bijvoorbeeld de mogelijkheid om een personeelslid van VLABEL ad hoc bij de federale dienst te betrekken, of een procedure waarbij ook VLABEL zijn standpunt ten aanzien van een dergelijke casus kan geven.

De minister deed de suggestie om een ambtenaar van VLABEL erbij te betrekken, omdat men dan op die manier onmiddellijk één advies heeft. Het advies komt gemeenschappelijk tot stand. Wat is de belastingplichtige immers met een advies van een federale rulingdienst en een Vlaamse interpretatieve vraag? Als men er dan niet voor 100 procent zeker van is dat voor 100 procent hetzelfde wordt gezegd, dan is de rechtszekerheid nog verder weg.

hits=128= / id=3811=