Preferentiële toebedeling van de gezinswoning bij echtscheiding wanneer de ex-echtgenoten in een stelsel van scheiding van goederen gehuwd waren

In Archiefby robert

In 1976 zijn in het Belgische huwelijksvermogensrecht de artikelen 1446 en 1447 Burgerlijk Wetboek ingevoerd. Deze wetsbepalingen verlenen aan uit de echt gescheiden echtgenoten die onder een Belgisch gemeenschapsstelsel waren gehuwd, het recht om aan de rechter te vragen dat een gezinswoning of een onroerend goed dat dient voor de uitoefening van het beroep van één der echtgenoten, bij voorrang aan hem/haar wordt toegewezen, desgevallend tegen opleg. De bedoeling van de wetgever was te vermijden dat een ex-echtgenoot, om de andere ex-echtgenoot te pesten, de openbare verkoop van deze onroerende goederen zou eisen. Deze bepalingen gelden volgens de letter van de wet echter niet voor ex-echtgenoten die onder een stelsel van scheiding van goederen waren gehuwd, maar die samen in onverdeeldheid een gezinswoning of professioneel onroerend goed hadden aangekocht. Vraag is dan of dit onderscheid naargelang het huwelijksvermogensstelsel niet discriminatoir is. Het Grondwettelijk Hof oordeelde van niet (arrest nr. 28/2013 van 7 maart 2013). Echtgenoten zijn vrij te kiezen voor een huwelijksvermogensstelsel. Kiezen zij voor het stelsel van scheiding van goederen, dan moeten zij de gevolgen ervan dragen, met name de niet-toepassing van de art. 1446-1447 B.W. Dit arrest is o.i. onjuist, en dit om twee redenen. Van een discriminatie is o.i. zeer zeker sprake omdat deze bepalingen dermate belangrijk zijn, dat ze op alle gescheiden echtgenoten van toepassing zouden moeten zijn. Bovendien zijn deze bepalingen o.i. sowieso van toepassing op echtgenoten gehuwd onder een stelsel van scheiding van goederen. Argument daarvoor is art. 1390 B.W. dat stelt dat de regels bepaald in het hoofdstuk over het wettelijk stelsel het gemeen recht vormen, ook voor echtgenoten gehuwd onder een stelsel van scheiding van goederen. Het is te hopen dat de wetgever, die thans bezig is het erfrecht en een deel van het huwelijksvermogensrecht te hervormen, de kwestieuze bepalingen van overeenkomstige toepassing zal verklaren voor alle onverdeeldheden tussen ex-echtgenoten. In afwachting van deze wettelijke hervorming kan het nuttig zijn in het huwelijkscontract van scheiding van goederen te vermelden dat de art. 1446-1447 B.W. van overeenkomstige toepassing zijn. In dat geval kunnen de ex-echtgenoten er wel een beroep op doen.
Eén en ander is van belang voor Nederbelgen die overgestapt zijn naar een Belgisch stelsel van scheiding van goederen en die hun goederen in onverdeeldheid hebben gehouden.

hits=928= / id=3095=