Vlabel spreekt zich uit over het keuzebeding/verblijvingsbeding onder last

In Archiefby robert

In een eerdere editie van dit magazine was te lezen dat de federale rulingsdienst in 2013 het keuzebeding/verblijvingsbeding onder last (ook bekend als de Casmanclausule) als fiscaal misbruik bestempelde. Bijgevolg weigerde ze het bestaan van de last te erkennen en werd de overbedeling beschouwd als fictief legaat wat successieheffing tot gevolg had. Deze zienswijze was voor ernstige kritiek vatbaar. Voor het eerst sinds de overdracht van de schenk- en erfbelasting naar het Vlaamse niveau, heeft Vlabel zich uitgesproken over de fiscale behandeling van dergelijk beding.

Een keuzebeding houdt een huwelijksovereenkomst in waarbij men aan de langstlevende echtgenoot de mogelijkheid toekent om goederen of rechten op goederen uit het gemeenschappelijk vermogen te kiezen. De toekenning van het gemeenschappelijk vermogen in zijn totaliteit aan de langstlevende echtgenoot is een variant, ook aangeduid als het verblijvingsbeding. Het voordeel van het keuzebeding/verblijvingsbeding is dat de langstlevende echtgenoot de verhouding vruchtgebruik-blote eigendom in relatie met de kinderen kan vermijden en hij of zij m.a.w. volle eigendom verkrijgt. Indien de langstlevende echtgenoot echter meer dan de helft van het gemeenschappelijk vermogen ontvangt, wordt deze ‘overbedeling’ onderworpen aan erfbelasting. Dit euvel vermijdt men door aan deze bedingen een last ter waarde van de zogenaamde overbedeling te koppelen. De last vormt een schuldvordering in de nalatenschap van de eerst overledene.

Terwijl de federale rulingsdienst het bestaan van deze schuldvordering niet erkende, doet Vlabel dat wel. Bij het overlijden van de eerste echtgenoot, wordt de schuldvordering wel toegevoegd aan het actief van de nalatenschap. De langstlevende echtgenoot wordt daarop niet belast. Door de last of schuldvordering ontstaat er immers geen overbedeling. Daarom is het fictief legaat niet van toepassing. Het zijn de kinderen die belast worden en meer specifiek enkel op de blote eigendom van de schuldvordering. Daarnaast wordt, net zoals in de federale ruling, de schuldvordering niet aanvaard in het passief van de nalatenschap bij overlijden van de langstlevende. Vlabel aanvaardt wel een aftrek in hoofde van de kinderen, aangezien zij bij het eerste overlijden reeds werden belast.

In enkele gevallen wordt er bovendien een rente op de schuld bedongen. Er wordt echter enkel rekening gehouden met het nominaal bedrag van de schuldvordering, aangezien Vlabel ervan overtuigd is dat de rente en het vruchtgebruik elkaar opheffen.

Hoewel Vlabel ook hier nagelaten heeft een datum van inwerkingtreding te vermelden, mag men veronderstellen dat Vlabel het standpunt zal toepassen op overlijdens na de datum van publicatie (7 juli 2016).