Doorkijkbelasting voorlopig van de baan?

In Archiefby robert

In de vorige editie van deze rubriek werd aangekondigd dat binnen de regering werd gewerkt aan de invoering van een doorkijkbelasting voor private vermogensstructuren zoals trusts, private stichtingen en offshore vennootschappen. Men plande de invoering van een transparante belasting in hoofde van de oprichter en de invoering van een inkomstenbelasting op de uitkeringen aan derden begunstigden. Daarnaast zou men de recent ingevoerde meldingsplicht voor private vermogensstructuren aanpassen en uitbreiden. Dit alles zou in werking treden vanaf inkomstenjaar 2014.

In de Programmawet zoals deze werd goedgekeurd eind vorig jaar zijn de geplande maatregelen evenwel niet terug te vinden. Blijkbaar kon geen politiek akkoord worden gevonden over de invoering ervan. Naar verluid zitten de teksten nog steeds in de pijplijn. Volgens bepaalde bronnen volgt er een relancewet rond maart 2014, met daarin onder meer de doorkijkbelasting voor buitenlandse structuren. In dergelijke wet zouden ook nog andere fiscale maatregelen worden opgenomen zoals onder meer een lagere btw op elektriciteit voor huishoudens, een uitbreiding van de fiscale voordelen voor spaarboekjes tot deposito’s uit andere EU-landen, een gunststatuut (sociaal en/of fiscaal) voor ondernemingen in ‘vrije zones’ (zones franches), dat wil zeggen steden met grote tewerkstellingsproblemen en een hogere drempel voor btw-vrijstelling.

In die vorige editie van deze nieuwsbrief werd ook melding gemaakt van het ontwerp van het koninklijk besluit (KB) met daarop de langverwachte limitatieve lijst (black list) van de offshore structuren waarvan het bestaan in de aangifte personenbelasting (inkomsten 2013) vermeld zal moeten worden. De definitieve versie van dit koninklijk besluit is nog steeds niet gepubliceerd, het blijft dus afwachten of er nog wijzigingen zullen gebeuren aan de lijst van structuren, zoals opgenomen in het ontwerp.

De Minister van Financiën werd in het parlement ook recent ondervraagd over het toepassingsgebied van de meldingsplicht, ingevoerd vanaf het aanslagjaar 2014. De vraagsteller wilde vernemen van de minister of de oprichters en begunstigden of potentieel begunstigden van een fiscaal transparante structuur zoals een Nederlandse stichting administratiekantoor of een Belgische burgerlijke maatschap, die niet opgericht zijn om belastingen te ontwijken, geviseerd worden door de aangifteplicht voor private vermogensstructuren. De Minister heeft verklaard dat een Belgische burgerlijke maatschap transparant wordt belast en niet wordt geviseerd door de meldingsplicht. Voor buitenlandse entiteiten moet, vooraleer men kan beslissen of het gaat om een juridische constructie waarvan het bestaan moet worden vermeld in de aangifte in de personenbelasting, eerst worden uitgemaakt of het gaat om een trustachtige rechtsverhouding in de zin van het wetboek, dan wel om een niet inwonende rechtspersoon. In dit laatste geval dient enkel te worden gemeld indien de rechtspersoon voorkomt op een lijst van geviseerde rechtsvormen die bij KB moet worden vastgesteld. Zoals vermeld is het KB met de definitieve lijst nog niet gepubliceerd.

hits=256= / id=3471=