Belangrijke arrest inzake belastbaarheid AOW-uitkeringen in België

In Archiefby robert

Op 29 november 2011 heeft het Hof van Beroep te Gent zich (verder) gebogen over de vraag of en zo ja, in hoeverre, een uit Nederland genoten AOW-uitkering ontvangen door een inwoner van België, in België is belast (Hof van Beroep Gent, 29 november 2011, nr. 2010/AR/762).
De conclusie van het Hof was dat -gegeven de feiten en omstandigheden van dit geval- de AOW-uitkering in België volledig was belast.

Casus
Belanghebbende is een Nederlander die sinds 1988 in België woont en tot aan zijn pensioendatum in Nederland bleef werken. Gedurende deze periode heeft hij in Nederland loonbelasting betaald. Na zijn pensionering geniet hij een aanvullend pensioen alsook een AOW-uitkering uit Nederland.

De procedure
Antwerpse Hof van Beroep
De appelrechters van het Antwerpse Hof van Beroep oordeelden dat gezien de omstandigheid dat elke Nederlandse onderdaan, ongeacht of de betreffende Nederlander al dan niet gewerkt heeft, recht heeft op een dergelijk AOW-pensioen er geen (on)rechtstreeks verband is met de beroepsuitoefening. Het Hof oordeelde dientengevolge dat het pensioen niet in België belastbaar is op grond van artikel 34, paragraaf 1, ten eerste WIB/92.
De Belgische staat was het hier niet mee eens en tekende cassatieberoep aan.

Hof van Beroep te Gent
Het Hof van Beroep te Gent kwam tot de conclusie dat het vaststaat dat belanghebbende in België is komen wonen in 1988 en dat belanghebbende de laatste 12 jaar in Nederland heeft gewerkt en loonbelasting heeft betaald. Het Hof concludeert dat -gegeven deze feiten en omstandigheden- er een verband bestaat tussen de AOW-uitkering en de beroepswerkzaamheid en dat de AOW-uitkering volledig in België is belast.

Conclusie / Commentaar:
Uit de Europese rechtspraak valt af te leiden dat teneinde als beroepsinkomen in België belastbaar te kunnen zijn op grond van artikel 34, paragraaf 1, ten eerste WIB/92, de pensioenen rechtstreeks of onrechtstreekse betrekking dienen te hebben op een beroepswerkzaamheid.
Op grond van deze jurisprudentie valt te concluderen dat de AOW-uitkering in beginsel geen pensioen is in de zin van artikel 34, paragraaf 1, ten eerste WIB/92, aangezien de vereiste (on)rechtstreekse samenhang met de beroepswerkzaamheid ontbreekt. Heffing in België is dan in beginsel niet aan de orde.
In uitzonderingsgevallen is de vereiste samenhang er wel, zoals in deze casus.

Is hiermee de “kous” af?
Neen, in het geheel niet! De vragen die (nog) niet beantwoord zijn, is enerzijds de vraag of de conclusie hetzelfde zou zijn als gedurende het inwonerschap in België geen arbeid in Nederland zou zijn verricht. Wij zijn op grond van deze uitspraak van het Hof van Beroep van Gent van mening, dat in een dergelijk geval het vereiste (on)rechtstreekse verband voor de belastbaarheid in België ontbreekt.
Een tweede vraag die (nog) niet beantwoord is, is de vraag of indien de AOW-uitkering in België mag worden belast, dit voor de volledige uitkering geldt of dat deze uitkering enkel pro rata in België mag worden belast. Wij zijn van mening dat de “pro rata-methode” dan toepassing zou moeten vinden.
Procedures ten aanzien van de vorenstaande twee thans onbeantwoorde vragen zijn thans aanhangig en de uitkomsten hiervan zullen moeten worden afgewacht.
hits=52= / id=2042=