Gelijke behandeling koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtige (KOB) gepensioneerden

In Archiefby robert

Vanaf 2011 hebben in België wonende gepensioneerden geen recht meer op de koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen (KOB) als zij niet voldeden aan de eis dat 90% van hun inkomen in Nederland onderworpen was aan de Nederlandse belastingheffing. Deze tegemoetkoming van € 33,09 per maand kwam in de plaats van de zogenaamde AOW-tegemoetkoming, waarop elke persoon met een AOW-pensioen – ongeacht zijn woonplaats (wereldwijd) – aanspraak kon maken.

Zeer recent heeft de Rechtbank Haarlem uitgesproken dat de weigering van de SVB om de tegemoetkoming KOB op grond van de Wet mogelijkheid koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen te verstrekken aan een AOW-gerechtigde, die niet in Nederland woont maar wél inwoner van de Europese Unie is, een ongeoorloofd onderscheid vormt naar woonplaats als bedoeld in artikel 7 Vo 883/2004. (zie uitspraak LJN: BW0678, Rechtbank Haarlem, AWB 11/5215 d.d. 4 april 20112).

De AOW-tegemoetkoming is in 2005 geïntroduceerd om de negatieve koopkrachteffecten ten gevolge van allerlei overheidsmaatrelen voor de in Nederland wonende AOW-gerechtigden te compenseren. Deze tegemoetkoming (circa € 400 per jaar) werd ook toegekend aan de niet in Nederland wonende AOW-gerechtigden. Er is destijds werd géén grenseffectrapportage gemaakt. Deze ondoordachtheid leidde er toe dat elke AOW-gerechtigde ongeacht de hoogte van de AOW-uitkering en ongeacht het land waar hij woont recht kreeg op deze AOW-tegemoetkoming.

Zo kreeg een inwoner van Luxemburg, die 4% AOW-uitkering (circa € 30 per maand) ontving, de tegemoetkoming (circa € 36 per maand). Dit was ook het geval als men met een kleine AOW-uitkering in bijvoorbeeld Thailand woonde. In dit soort gevallen was er eigenlijk sprake van een wat ’overdadige’ tegemoetkoming. De koopkracht in het woonland en de hoogte van de AOW-uitkering speelde géén enkele rol. Het is de vraag of deze regeling niet wat ’overdadig’ was. Overigens ook de in Nederland wonende gepensioneerden met een gekorte AOW-uitkering, omdat zij bijvoorbeeld als grensarbeiders in Duitsland of België gewerkt hadden, ontvingen de volledige tegemoetkoming. Door het afschaffen van de tegemoetkoming voor 275.000 in het buitenland wonende AOW-gerechtigden bespaarde de overheid circa € 115 miljoen per jaar. Als gevolg van de terechte uitspraak van Rechtbank Haarlem wordt deze bezuinigingsdoelstelling niet gehaald.

Om binnen de kaders van het Unierecht te blijven zal de overheid een oplossing moeten zoeken, die de in en buiten Nederland, dat wil zeggen in de EU/EER en de verdragslanden wonende gepensioneerden gelijk behandeld. Dit kan alleen door de tegemoetkoming te koppelen aan de opbouw van de AOW-uitkering. Oftewel: een inwoner van Luxemburg, die 2 jaar in Nederland verzekerd is geweest en om die reden 4% AOW-uitkering ontvangt, zou dan slechts tegemoetkoming moeten ontvangen van 4% of te wel 4% van circa € 30 per maand. Om de gelijke behandeling met het woonland te realiseren, zouden inwoners van Nederland die slechts 40 jaar in Nederland verzekerd zijn geweest en om die reden 80% AOW-uitkering ontvangen, dan logischerwijze 80% van € 30 per moeten ontvangen aan tegemoetkoming.

Kortom: als men de tegemoetkoming pro-rateert dan zou er sprake van gelijke behandeling. Dat betekent echter ook dat inwoners van Nederland, die als grensarbeider in België gewerkt hebben en om die reden een lagere AOW ontvangen ook een lagere tegemoetkoming ontvangen. Inwoners van Nederland met enkel een Belgisch pensioen ontvangen zouden geen tegemoetkoming meer krijgen. Alle mensen zijn gelijkwaardig doch in grensoverschrijdende situaties zijn alle mensen per definitie ongelijk en is het vaak razend ingewikkeld om gelijke behandeling te realiseren. De pensioenlanden en het woonland van de gepensioneerden zijn beide verplicht om de gelijke behandeling te realiseren. Of de Nederlandse overheid voor een dergelijke oplossing kiest is nog de vraag
Tot slot
Als het om ’gelijke behandeling’ gaat, dan heeft deze altijd betrekking op de bruto bedragen. Als pensioenen, tegemoetkomingen enz. buiten Nederland uitbetaald worden, dan kan dit op netto niveau tot ongelijke behandeling leiden, omdat er over pensioenen, tegemoetkomingen vaak belasting betaald moet worden in het woonland. Ook zullen er andere zorgbijdragen ingehouden worden dan bij inwoners van Nederland. Of dit nadelig dan wel voordelig is, is afhankelijk van het totale pensioenplaatje en het land waar betrokken woont. Absolute gelijkheid bestaat alleen in de hemel.

hits=2= / id=2023=