Ten onrechte definitieve jaarafrekening AWBZ en ZVW over 2006 bij Nederbelgen?

In Archiefby robert

Recentelijk vallen bij geëmigreerde Nederbelgen met een recht op een Nederlandse uitkering of een wettelijk pensioen, bijvoorbeeld AOW uit Nederland, de definitieve jaarafrekening voor de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) en de Zorgverzekeringswet (ZVW) over 2006 op de deurmat.

EG-Verordening
Nederbelgen met een wettelijk pensioen uit Nederland zijn in beginsel belastingplichtig en sociaal verzekerd in België en wel op basis van het inwonerschap in België. Op grond van de EG-Verordening hebben zij echter recht op geneeskundige verzorging overeenkomstig het wettelijke regime van het woonland, maar komen de hieraan verbonden kosten ten laste van Nederland, indien er in het woonland sprake is van een sociale verzekeringsplicht die louter is gebaseerd op het inwonerschap. Het College voor Zorgverzekeringen (CVZ) betaalt daarvoor jaarlijks een vergoeding aan het woonland van de verdragsgerechtigde. De verdragsgerechtigde dient op zijn beurt een inkomensafhankelijke bijdrage aan het CVZ te betalen. Deze wordt berekend over het zogenoemde wereldinkomen.

Definitieve jaarafrekening
Nederbelgen met een wettelijk pensioen uit Nederland worden dus als zogenoemde bijdrageplichtigen aangewezen voor de ZVW. De meeste (overheids-)instanties zoals de Sociale Verzekeringsbank (SVB) die belast zijn met de uitvoering en uitbetaling van AOW-uitkeringen, houden rekening met de verschuldigdheid van de inkomensafhankelijke bijdragen, en houden deze als voorheffing al in op de AOW-uitkeringen. Indien daarnaast ook nog een pensioen wordt genoten, dan moet de betreffende pensioenverzekeraar wel rekening houden met de hoogte van het inkomen en de af te dragen inkomensafhankelijke bijdragen.
Indien er te weinig inkomensafhankelijke bijdragen zijn ingehouden, zal het CVZ u daaraan herinneren en wel door middel van het uitreiken van een definitieve jaarafrekening. Nu lijkt de tijd enigszins te hebben stilgestaan voor het CVZ en wel omdat zij nu pas is begonnen met het vaststellen en bekend maken van de definitieve jaarafrekening over 2006.

Dagtekening aanslag inkomstenbelasting
De vraag rijst nu of in voorkomende gevallen de definitieve jaarrekening over 2006 wel tijdig is opgelegd, ergo of deze wegens termijnoverschrijding vernietigbaar is.
Op grond van de Regeling zorgverzekering dient het CVZ de definitieve jaarafrekening over 2006 op te leggen binnen zes maanden na het tijdstip waarop zowel de aanslag inkomstenbelasting als de beschikking niet in Nederland belastbaar inkomen (NINBI) onherroepelijk zijn geworden. Dit houdt in dat de definitieve jaarafrekening na de dag van dagtekening van de aanslag inkomstenbelasting als zowel de beschikking NINBI, vermeerderd met 6 weken dient te zijn vastgesteld. In de praktijk blijkt overigens dat veel verdragsgerechtigden in Nederland niet meer aangifteplichtig zijn zodat aan hen ook geen aanslag inkomstenbelasting wordt opgelegd. Wat dan resteert is het vaststellen van het wereldinkomen via een NINBI-beschikking waardoor het verdedigbaar is dat alleen de datum van de NINBI-beschikking leidend is.

Tijdig bezwaar aantekenen
De praktijk leert dat de Belastingdienst de NINBI-beschikking vaak al lang geleden heeft opgelegd, bijvoorbeeld eind 2008, waardoor de definitieve jaarafrekening 2006 te laat is opgelegd. Wat zijn nu de (rechts)gevolgen van het niet tijdig opleggen van de definitieve jaarafrekening 2006? De termijn die de Wet IB 2001 bijvoorbeeld stelt voor de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen is drie jaar na afloop van het kalenderjaar waarop de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen betrekking hebben.
Vreemd genoeg is dat voor de bijdrageplicht voor de ZVW en AWBZ niet goed geregeld. Indien we hier de jurisprudentie met betrekking tot een te laat opgelegde aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen volgen, zou de aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen vernietigbaar zijn en daarmee zouden de rechtsgevolgen (lees: betalingsplicht) van de definitieve jaarafrekening over 2006 ongedaan kunnen worden gemaakt. Indien er echter niet tijdig bezwaar wordt aangetekend, zal de definitieve jaarafrekening 2006 op grond van de leer van de formele rechtskracht onherroepelijk komen vast te staan en kan het CVZ deze met succes invorderen.

Aan u dus om in ieder geval tijdig bezwaar te maken. Let wel dat indien er uitstel voor het indienen van de aangifte inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen is verleend, het CVZ zich op de verlenging voor de beslistermijn kan beroepen en mogelijk alsnog de aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen (tijdig) kan opleggen en in het kielzog daarvan de definitieve jaarafrekening over 2006. Het blijft overigens vooralsnog de vraag of de jurisprudentie inzake de aanslagregeling voor de inkomstenbelasting in deze mag worden gevolgd. Niet geschoten is in elk geval mis!
hits=1= / id=1688=