Nieuw Vlabel standpunt over wederkerige schenkingen tussen echtgenoten

In Archiefby robert

De wederzijdse schenking tussen echtgenoten is een populaire techniek waarmee echtgenoten elkaar gemoedsrust kunnen bezorgen. Een gewone schenking zonder meer, komt eigenlijk niet tegemoet aan de wens tot zekerheid, aangezien schenkingen tussen echtgenoten steeds herroepelijk zijn. Een mogelijke oplossing is de zgn. “wederzijdse schenking”, waarbij beide echtgenoten aan elkaar in een geschrift bv. een som geld schenken, en stipuleren dat wanneer één schenking wordt herroepen, de andere ook automatisch wordt ontbonden. Daarnaast wordt voorzien dat bij het overlijden van een echtgenoot, het geschonken vermogen terugkeert naar de schenker via een conventioneel beding van terugkeer, hetgeen dan gebeurt zonder extra belasting.

Naast het feit dat echtgenoten, door elkaar te begunstigen via schenking, meer zekerheid verkrijgen, was de techniek van de wederzijdse schenking in het verleden een interessante techniek om successierechten te vermijden en ook om minder schenkbelasting te betalen. De federale rulingdienst oordeelde immers herhaaldelijk dat de wederzijdse schenkingen beschouwd konden worden als afhankelijke bepalingen, zodat er slechts éénmaal 3% schenkbelasting betaald moest worden over de schenking die aanleiding geeft tot de hoogste heffing, in plaats van 3% over de beide schenkingen. Bij het overlijden van de eerste echtgenoot behield de langstlevende het vermogen dat hij had ontvangen. Daarnaast keerde het vermogen dat hij had geschonken kosteloos terug, waardoor het totaal geschonken vermogen bij de langstlevende terechtkwam, en dit aan dus aan eenmaal 3%.

Recent heeft Vlabel een nieuw administratief standpunt ingenomen, waardoor de bovenstaande techniek van de wederzijdse schenking tussen echtgenoten onder druk komt te staan. Om de schenkingen te kunnen beschouwen als afhankelijke bepalingen vereist Vlabel immers dat de beide schenkingen opgenomen zijn in één geschrift. Echter volgens het Burgerlijk Wetboek zijn wederzijdse schenkingen tussen echtgenoten in één akte verboden. Dit heeft tot gevolg dat wanneer twee echtgenoten wederzijds willen schenken via een notariële schenking, toch tweemaal 3% schenkbelasting verschuldigd zal zijn.

Bemerk dat dit Vlabel standpunt geen gevolgen heeft voor de situatie waarin echtgenoten wederzijds schenken via bankgift en vervolgens één document, ondertekend door beide echtgenoten, ter registratie aanbieden. In dat geval zou de registratie nog steeds aanleiding geven tot betaling van 3% over één schenking, m.n. de schenking die aanleiding geeft tot de hoogste heffing.