De verrassing van Prinsjesdag: de conserverende aanslag op aandelen van tien jaar naar levenslang

In Archiefby robert

Dat er iets stond te gebeuren was wel duidelijk, maar wat de wijziging precies zou worden is een goed bewaard geheim gebleven. Het gaat hierbij om de conserverende aanslag op aandelen van een emigrerende directeur-groot aandeelhouder in een vennootschap (DGA).

 

Indien iemand in Nederland een belang van ten minste 5% heeft in een vennootschap, dan wordt dit belang belast in box 2 (inkomen uit aanmerkelijk belang). Het inkomen uit aanmerkelijk belang (bijvoorbeeld verkoopwinst of ontvangen dividenden) wordt belast tegen een vast tarief van 25%.

Inkomen uit aanmerkelijk belang hoeft in principe pas te worden betaald op het moment dat het wordt gerealiseerd. Als er bijvoorbeeld geen dividend wordt uitgekeerd, kan er een grote meerwaarde in de vennootschap worden opgebouwd. Door vervolgens te verhuizen naar een ander land, dat bijvoorbeeld niet heft over deze meerwaarde, zou de Nederlandse belastingclaim kunnen worden ontgaan. Dit was één van de redenen waarom in het verleden Nederlanders naar België zijn verhuisd.

 

Om dit emigratielek tegen te gaan is vanaf 1997 een conserverende aanslag ingevoerd. Effectief wordt bij vertrek uit Nederland de aanwezige meerwaarde vastgesteld en belast tegen 25%. Deze belasting hoeft niet te worden betaald. Op dit moment geeft de conserverende aanslag tien jaar uitstel van betaling. Na afloop van deze tien jaar wordt de conserverende aanslag kwijtgescholden en is de Nederlandse heffingsclaim alsnog afgeschud. Als in deze tienjaarstermijn een “verboden” handeling plaatsvindt, dan wordt de conserverende aanslag ingevorderd. Voorbeelden van “verboden” handelingen zijn:

  • De verkoop van aandelen
  • Het uitkeren van meer dan 90% van de reserves bij een niet-actieve vennootschap.

 

De conserverende aanslag betekende dus al een grote beperking op de mogelijkheden om box 2 te voorkomen. Toch kon altijd de tienjaarstermijn worden uitgezeten of kon er tot 90% van de reserves worden uitgekeerd.

De tijden veranderen. Was nog niet lang geleden de termijn van tien jaar voldoende, nu wordt het uitzitten van die termijn als een gat in de wet gezien. Daarom wordt de conserverende aanslag strenger gemaakt. Per 1 januari 2016 wordt de wet gewijzigd. De twee belangrijkste wijzigingen zijn dat:

  • De conserverende aanslag op aandelen niet meer voor tien jaar, maar voortaan voor onbepaalde tijd wordt opgelegd.
  • Uitkeren tot 90% van de reserves zonder invordering van de conserverende aanslag niet meer mogelijk is: iedere dividenduitkering kan leiden tot invordering van het deel van de conserverende aanslag dat overeenkomt met die dividenduitkering.

 

Het uitgangspunt na de wetswijziging is dat er 25% moet worden betaald over in het buitenland ontvangen box 2-inkomen waarop een conserverende aanslag rust. Hierbij wordt eerst gekeken naar de belastingheffing in het buitenland (woonland) en de eventuele gewone Nederlandse inkomsten- of dividendbelasting. Als dit samen niet tot 25% komt, wordt de conserverende aanslag ingevorderd om te komen tot een effectieve totale heffing van 25%. In een voorbeeld:

 

A heeft een openstaande conserverende aanslag van € 500.000. Hij ontvangt in jaar 1 een dividend van € 30.000. Hij betaalt hierover 15% Nederlandse dividendbelasting (€ 4.500) en vervolgens wordt in het woonland 7,5% bijgeheven (€ 2.250). In totaal betaalt A € 4.500 + € 2.250 = € 6.750 (22,5% van € 30.000).

Echter, hier blijf het niet bij: 25% van € 30.000 is namelijk € 7.500. Daarom wordt de conserverende aanslag nog eens voor € 750 ingevorderd, zodat er in totaal € 6.750 + € 750 = € 7.500 belasting wordt afgedragen. De conserverende aanslag zelf wordt dan wel verlaagd (afgeboekt). Die verlaging bestaat uit de in Nederland betaalde belasting, dus: € 500.000 -/- 4.500 -/- € 750 = € 494.750.

 

Hoewel de wet pas ingaat op 1 januari 2016, zal de wet effectief terugwerkende kracht hebben tot 15 september 2015 om 15.15u., het moment van presentatie van de Miljoenennota. Alle emigraties die vanaf dat tijdstip plaatsvinden, vallen onder de nieuwe regeling met de oneindige conserverende aanslag. Voor iedereen die voor die datum is geëmigreerd blijft echter de oude regeling gelden. Voor hen vervalt ook na de wetswijziging de conserverende aanslag na verloop van tien jaar en zij kunnen nog steeds tot 90% van de reserves van een niet-actieve vennootschap uitkeren zonder dat dit direct tot invordering van de conserverende aanslag zal leiden.