Belastingdienst moet rente betalen over te laat uitbetaalde heffingsrente

In Archiefby robert

Op 22 augustus 2009 wordt de opgelegde voorlopige aanslag vennootschapsbelasting van een BV verminderd. Naar aanleiding van deze vermindering vraagt de vennootschap aan de belastingdienst om betaling van heffingsrente. Dit is de rente over het belastingbedrag dat de belastingdienst al had ontvangen en terugbetaalt aan de BV. De Belastingdienst had als het ware een schuld aan de BV en over deze schuld moet heffingsrente worden betaald. Pas meer dan 2 jaar later, op 20 december 2011, gaat de belastingdienst hiermee akkoord en betaalt zij aan de BV heffingsrente uit.

Omdat de BV lang op haar rente heeft moeten wachten, wil de BV een rentevergoeding hebben op het bedrag van de heffingsrente. De BV stelt dat ook de heffingsrente een schuld is en dat die schuld te laat is betaald. Over die (rente)schuld is dan weer rente verschuldigd. De vraag is dan over welke periode en tegen welk rentepercentage.

De Hoge Raad geeft de BV gelijk en stelt dat er rente betaald moet worden over de heffingsrenteschuld. De rente moet worden voldaan over de periode die begint zes weken na de vermindering van de voorlopige aanslag in 2009 en die eindigt tot de heffingsrenteschuld volledig is afbetaald. Doordat deze procedure er doorheen loopt, is dat vele jaren. Voor het percentage moet worden aangesloten bij de (lagere) Nederlandse wettelijke rente voor niet-handelsschulden. Deze rente bedraagt op dit moment 3%.

Hoge Raad, 20 juni 2014

hits=92= / id=3600=