Grensoverschrijdende inbreng in een BV: Eeuwigdurend geconserveerd bedrag mag

In Archiefby robert

De Nederlandse belastingwetgeving geeft de mogelijkheid om een privéonderneming zonder heffing van inkomstenbelasting om te zetten in een BV (of NV). Dit wordt ook wel de geruisloze inbreng genoemd. Met deze regeling wordt bereikt dat zonder veel hindernissen een vof of maatschap omgezet kan worden in een rechtspersoon. Door de inbreng wordt over de winst van de onderneming niet langer inkomstenbelasting in box 1 geheven. Na de inbreng wordt er vennootschapsbelasting geheven over de winst en wordt er inkomstenbelasting in box 2 betaald bij uitkering naar privé (dividend bijvoorbeeld).

De wet stelt vervolgens een aantal voorwaarden waaraan moet worden voldaan. Ook personen die niet in Nederland wonen, kunnen een Nederlandse privéonderneming omzetten in een BV. Daarvoor gelden dezelfde voorwaarden, plus nog een extra voorwaarde. Deze extra voorwaarde is een soort conserverende aanslag (geconserveerd bedrag), waarvoor geen termijn geldt. Deze vervalt dus niet na tien jaren zoals het geval is bij een aanmerkelijk belang of bij pensioen, maar kan eeuwig duren. De achtergrond is dat Nederland bij een geruisloze inbreng in principe geen aanmerkelijk belangclaim zal hebben bij personen die in het buitenland wonen. Op die manier zou door een geruisloze inbreng een deel van de Nederlandse claim verloren kunnen gaan. Om deze claim zeker te stellen wordt er een geconserveerd bedrag vastgesteld.
Door deze bijkomende voorwaarde (met een geconserveerd bedrag) worden personen die buiten Nederland wonen dus anders behandeld dan personen die in Nederland wonen. Het was maar de vraag of deze ongelijke behandeling zou zijn toegestaan.

De Hoge Raad is tot de conclusie gekomen dat er inderdaad sprake is van een verschil in behandeling. Maar de Hoge Raad vindt ook dat deze ongelijke behandeling niet verboden is, omdat zij dient om Nederlandse heffingsbelangen veilig te stellen. Zelfs het feit dat het geconserveerd bedrag eeuwig zou kunnen blijven staan, maakt de regeling nog niet verboden.

Hoge Raad, 13 december 2013

hits=109= / id=3481=